browser icon
You are using an insecure version of your web browser. Please update your browser!
Using an outdated browser makes your computer unsafe. For a safer, faster, more enjoyable user experience, please update your browser today or try a newer browser.

Plage Blanche / Foum-Assaka

Posted by on 4 november 2014

Donderdag 30 oktober. De Oostenrijkers naast ons (jong stel met twee kleine kinderen) zijn op weg naar Gambia. Zij waren hier eerder en beschrijven Plage Blanche en we besluiten daarom toch daar naar toe te rijden ipv naar Sidi Ifni. Dat is 70 km naar het zuidwesten. In Guelmim zoeken we de hypermarche – we vragen de weg aan twee jongens die (doof)stom blijken te zijn. Hoe leg je met gebaren uit dat je denkt dat we de Marjane zoeken? Je schrijft in de lucht de letter ‘M’ en doet dan met twee handen het duwen van een winkelwagen na. Precies! Heel simpel. Daarna diesel tanken – allemaal omdat er in de buurt van Plage Blanche kip noch kraai is. Langs een mooi geasfalteerde weg (op de kaart staat ‘piste’) komen we er aan en we zijn de enigen. In een verslag uit jan. 2012 rept een medecamperaar (Thole) nog van 30 campers die aan het strand staan. Nu niente. We lopen langs een riviermonding naar het strand  dat zeer uitgestrekt is en zeker niet wit. Enkele jeeps rijden langs op weg naar of terug van het strand – iedereen zwaait enthousiast. We staan prachtig en genieten van de eenzaamheid. Het is ook vandaag net als elke dag prachtig weer rond de dertig graden. ( 100 km)

Vrijdag 31 oktober. Bij het wakker worden dikke mist. Bij het ontbijt doemen plotseling twee kamelen op – Juul probeert ze brood te geven maar daar wachten ze niet op. De geiten die zich daarna melden zijn er gelukkig niet vies van. Gisteren al een kameleon en een schorpioen gespot, aan dieren hier geen gebrek.  Tegen een uur of tien besluiten we door te rijden –niet de zelfde weg terug naar Guelmim maar een weg langs de kust – richting Sidi Ifnit.  De weg staat op de kaart als piste en  is dat in werkelijkheid ook. In het begin is het vlak en we verbazen ons dar elk geitenspoor op de Sygic map staat. Soms moeten we stuk terugrijden omdat we het verkeerde spoor te pakken hebben. De weg wordt grilliger, de omgeving ook – regelmatig komen we in de buurt van de oceaan en daarna rijden we weer langs een berghelling. De (droge) rivierbeddingen die we oversteken  vereisen soms verkenning vooraf en beredenering: links nemen, rechts nemen of middendoor. Het is allemaal prachtig ook al is het spannend. Je weet op gegeven moment dat omkeren geen optie meer is – er is alleen maar doorrijden. Bij een rivierbedding is weg omhoog vrij steil, heeft rul zand en een paar kuilen waarbij er eentje is waar een vd vier wielen niet goed raad mee weet – die zweeft nl. Na enkele pogingen gooien we de kuil dicht met stenen (eerst goed ondere iedere steen kijken of er geen schorpioen onder ligt!), laden we de fietsen af en nemen een flinke aanloop. Schietgebedje, concentratie en met veel gas scheur ik met de moed der wanhoop naar boven in een orkaan van wegspringende stenen, metaal dat klingklongt , zand dat opstuift, maar ik hou Dexter in beweging en we halen het! Fietsen er weer op en verder gaat het weer. Juul en ik spreken met elkaar af uiterlijk tot 17.00 uur door te rijden (1,5 uur voordat het donker wordt) en te blijven staan, waar we ook mogen zijn. Op gegeven moment zien we asfalt in de verte – daarvoor waren we al een visserman op een brommer tegengekomen en een kerkhof gepasseerd – allemaal tekens van bewoonde wereld. En dan gaat het 500 meter voor het einde van de piste toch een beetje mis. Op een steil deel naar beneden raakt een rotspunt ons trappetje (bejaardenopstap) dat daarna niet meer functioneert. Valt mee te leven. Na precies twee meter asfalt slaan we een zandweg in naar het strand en daar staan we nu (N 29 08.565 W 010 24.357; Foum-Assaka?). Hier zijn enige huizen in aanbouw en er is een cafe-restaurant in een caravan dat dicht is en op een familie van vier honden na is er verder helemaal niemand, geen kip. We hebben vandaag over 42 km zeven uur gereden – dus een gemiddelde van zes km per uur, tempo ‘rustig joggen’.  Maar onvergetelijk – als je alles van te voren weet doe je het niet, maar achteraf hebben we nergens spijt van. Er had natuurlijk ook iets mis kunnen gaan – maar dat risico nemen we en we weten nu dat we veel aan kunnen, ook  – niet onbelangrijk – met zijn tweeën.

Zaterdag 1 november. We blijven vandaag aan het strand van Foum-Assaka staan. ’s Ochtends flinke zandstorm maar de wind gaat aan het begin van de middag liggen. Ik ga op de fiets nog even de piste op om (tevergeefs) een wieldop die we hebben verloren, te zoeken. Verder even de oceaan in, ‘zwemmen’ is een te groot woord, en veel tutten. ’s Middags lopen we naar de Gite Petit Paradis, aan het eind van het strand die alleen per 4×4 of lopend bereikbaar is. Gisteravond zagen we er licht branden – dus er is leven. We treffen naast de Marokkaanse eigenaar ook een Frans echtpaar aan dat al twintig jaar lang de maanden oktober en november met huurauto Marokko doorkruist. De eigenaar heeft nog twee verse visjes die hij voor ons wil bakken en we hebben een leuke uitwisseling met de fransen en leren weer nieuwe marokkaanse woorden en gebruiken (thee met veel geluid slurpen is teken dat het lekker is). We horen dat de resterende 45km naar Sidi Ifni alleen asfalt kent en dat er daar weinig campers staan. We zullen zien. We zitten nu ongeveer 1000km van Tanger (noord) en 500 km van de grens met de Westelijke Sahara (zuid).  We kunnen nog zeven tot tien dagen in Marokko doorbrengen. We zijn als de dood voor tientallen campers op campings aan de kust, vandaar dat we ons erg traag verplaatsen zolang dat nog kan. Erg warm vandaag – meer dan 30 graden. Zelfs na zonsondergang is het nog 31 graden – gelukkig met een koel briesje waardoor real feel lager uitvalt.

Sidi Ifni
Tafraoute / Guelmim

Comments are closed.