browser icon
You are using an insecure version of your web browser. Please update your browser!
Using an outdated browser makes your computer unsafe. For a safer, faster, more enjoyable user experience, please update your browser today or try a newer browser.

Gerolimenas (12,13, 14 juni)

Posted by on 13 juni 2015

vrijdag 12 jun. Ik verlaat eind van de ochtend Porto Kagio en de steile weg blijkt naar boven veel minder eng dan ik dacht toen ik gisteren naar beneden reed. Een paar km verder ligt Vathia een typisch Mani dorpje – ik wandel er doorheen en vlak voor ik weer instap spreekt een Nederlandse dame mij aan.

Zij: “waar komt u vandaan?”

Ik: “goedemiddag – wat bedoelt u? De ouders van mijn vader komen uit Sneek en  mijn moeder had haar wortels in Nijmegen. Toch heb ik meer met de Friezen.

Zij: “nee, nu, komt u van daar?” (wijst naar het zuiden)

Ik: “ja ik kom van daar”.

Zij: “wij komen van hier” (wijst naar het westen), “een enorme saaie weg en we dachten moeten we die ook weer terug rijden – is die andere weg ook zo saai?”

Ik: “De oostkant saai? Enorme bergpartijen, volstrekt onvruchtbaar een mono kultuur van steen, steen en nog eens steen. Niks groeit hier, niemand had hier wat te zoeken, iedereen liep met een boog om dit gebied heen op een handvol mafiosi christenen na die voornamelijk leefden van de zeepiraterij. De families bevochten elkaar op leven en dood. De Mantouvalos waren aartsvijand van de machtige Mavromichalis. Jaar in jaar uit vlogen de kogels de familieleden om de oren. En waar gingen die bloedige Maniotische twisten om? Om 2x niks, om een schip dat opa Ilias en zijn clan ooit had buitgemaakt op de clan van opa Katsakos. Dus saai, nee  saai kun je het hier absoluut niet noemen.”

Ik: “Heeft u een navigatiesysteem bij u?”

Zij: “nee, we rijden zo maar wat rond.”

Ik: “dat kan ook – dan moet u de zee steeds aan uw rechterhand houden, dan gaat het vanzelf goed. Maar niet al te veel rechts aanhouden natuurlijk.”

Zij: “waarom niet?”

Ik: “goedemiddag mevrouw”

Na nog een paar km kom ik aan in Gerolimenas een prachtige dorpje – zoals de Lonely Planet schrijft “the perfect place for scenic seclusion” – en sta met de schuifdeur aan het kiezelstrand en de andere zijde grenst aan het dorpsplein. Het hotel/restaurant heeft wifi en daarmee probeer ik ’s avonds de interland Letland – Nederland te volgen. Ik weet dat de livestream van de NOS me er uit gooit omdat ze kunnen zien dat ik vanaf het buitenland inlog. Kan geen andere website vinden die de wedstrijd uitzendt en pas als de – volstrekt saaie – wedstrijd net is afgelopen, herinner ik me dat ik de vpn (virtual private network) op mijn laptop moet aanpassen waarmee je de buitenland herkenning kunt omzeilen. Iets voor een volgende keer. Overigens kun je met 8 Mbs toch niet zo heel veel binnenhalen.  (vandaag 16 km gereden)

zaterdag 13 jun. Heerlijke rustige nacht. Ik besluit op de deze hete dag (+29 gr) op het heetst van de dag (12.30 uur) een vier uur durende wandeling te maken de bergen in. Ik heb een boekje bij me van de serie Sunflower Wegwijzer. Auteur is Michael Cullen terwijl de foto’s zijn van Michael Cullin – nou eigenlijk zou je dan niet verder moeten lezen, maar toch maar wel Het werkje stamt uit 2003 en is in het Nederlands vertaald op een manier die de mensen bij Ali Baba Express (“ hallo Ben, jij breng drie accu’s huis”) glimlachend zullen herkennen. Al bij de voorbereiding van de tocht wordt eea zichtbaar. Men neme mee: water, picknick, zonnehoed en een jumper voor de winderige Mountanistika. Mijn pumps laat ik thuis. De wandeling loopt via Ano Boulari dat de thuisbasis is van de Mantouvalos clan die hier tot 1980 heeft gewoond. Niet dat je Michael C. daar over hoort – die houdt zich bezig met  teksten als “negeer de afslag links naar ‘Post’ ” uit de categorie: “als u brood nodig heeft, ga dan niet bij de visboer naar binnen”. In het gehucht staat een met hangslot afgesloten herdenkingsteken van drie zwaar bewapende heren – dat geeft te denken: wie zijn dit en waarom is de plek niet meer toegankelijk? Ik moet doorlopen want over dit eerste deel heb ik ruim 35 minuten gedaan waar Michael krap 27 heeft aangegeven. Het gehucht is vlgs de auteur  verlaten en inderdaad  na het laatste huis tref ik stuk of 10 personenauto’s die de tand des tijds niet hebben overleefd. Na het auto- en het mensenkerkhof begint de tocht pas echt. Michael geeft aan dat het pad is gemarkeerd met rode stippen – dat mag waar zijn toen hij er liep, maar dertien jaar later is rood verworden tot een soort bruine / mauve teint (foto) waardoor iedere steen potentieel rood gestipt is. Iemand voor mij is het op gegeven moment zo zat geworden dat ie met een blauwe pijl heeft aangegeven wat de rode stip is (foto). Ik sla me een weg door de talrijke vette spinnen en raak op gegeven moment het spoor kwijt. Geen pad meer te bekennen. Ik kan natuurlijk Michael Cullen / Cullin niet van alles de schuld geven, maar een beetje toch wel. “Bij het knooppunt van ravijnen daalt het pad af, steekt het rechter ravijn over en volgt het linker ravijn.” Als een mantra herhaal ik keer op keer voor mezelf ‘steekt het rechter ravijn over en volgt het linker’ – maar het helpt niet. Op het punt waar het echt ondoordringbaar wordt, liggen stoffelijke resten van een onverlaat die blijkbaar ook dit deeltje van de Sunflower Wegwijzer bij zich had. Ik voel me langzaam maar zeker als de meisjes in Panama alleen glijdt dadelijk één pensionado het ravijn in. Dan realiseer ik me dat ik me heb laten verleiden door foto en tekst op blz. 82 “Met bloemen bedekte weg tussen Peppon en Lantakis”. Een lieftallige jongedame staat in beeld en houdt in haar hand  een reisgids, vast een veel betere dan haar vriendje Michael aan het schrijven is. En als je goed kijkt zie je dat ze haar mondhoeken een beetje naar beneden trekt alsof ze wil zeggen “Ach Michael zeikerd, ik had die jumper helemaal niet hoeven aan te trekken“. En meteen zie ik in gedachten een Griekse variant (no pun intended) van mijn ontmoeting met Sina vorig jaar in Turkije (zie aldaar – 15 mei 2014, dag 48). Hoogste tijd voor een slokje water, een appel en reflectie. Die met bloemen bedekte weg gaat het niet worden vandaag – op dit moment bijna 2 uur gelopen dus dat wordt 4 uur in totaal.  Nu het nog leuk is, loop ik weer terug en in de camper doe ik bliksemsnel mijn zwembroek aan, ga het water in en laat het zout weldadig in de striemen op armen en benen trekken. Zo mooi kan Griekenland zijn.

Zo 14 juni. Nog even over de bonnetjeskultuur in Griekenland. Gisteravond een nieuwe manier: de bon wordt uitgeschreven en uitgescheurd en vervolgens weer ingenomen.  Daarvoor kende ik al de bon die wordt uitgeschreven, niet wordt uitgescheurd maar de klant wordt voorgehouden. Dan het eeuwenoude gebruik om aantekeningen van het geleverde op het papieren vel te schrijven dat op tafel ligt. Bij de kapper bleef het bij mondelinge communicatie over het gewenste bedrag. En er is natuurlijk de ‘echte’ bon die wordt uitgeschreven – met de hand of electronisch – en die de klant  ook kan meenemen. Vraag me niet naar de verhoudingen wel/geen bon, het zal misschien 50/50 zijn. Heb wel de ervaring hoe onherbergzamer de streek hoe minder bonnetjescultuur.

Het voorbeeld van gisteren opnieuw gevolgd: wandelen. Ook nu rond 13.00 uur, weer lekker weertje  (+30 gr), om niet te zeggen bloedheet. Ik wil naar de klif lopen hier pal boven mijn hoofd en op het dorpsplein staat hoe ik richting het gehucht Ochia moet lopen. Anderhalf uur later ben ik er en zoals verwacht vanaf de rand een schitterend uitzicht. In het laatste deel van mijn tocht moet ik stuk of twintig muurtjes passeren en ik dacht (slim!) voor de terugweg als herkenningspunt overal een tak te steken waar ik een bepaalde muur heb genomen. Op de terugweg vind ik vijf van de twintig takken terug waarvan vier echt niet door mij daar zijn neergezet. Tweede handige idee is om voortdurend het kerkhof van Ochia in de gaten te houden waar het laatste deel van de tocht startte. Dat Ochia blijkt trouwens ook weer een wonderschoon gehucht met de bekende torens waar de clans elkaar beschoten. De torens werden steeds hoger gebouwd om grote stenen op het dak van de tegenstanders te katapulteren tot de totale vernietiging of overgave van de verliezende clan (mij onbekend reisboek)

Als ik terug ben weer de bevrijdende duik in de zee en tegen 18.00 uur besluit ik 20 km naar het noorden te gaan naar een camperplek in de buurt van Kalos waar een prachtig ondergronds meer moet zijn. U hoort het.

grot van Vlihada (15, 16 jun)
Porto Kagio (9 tm 12 jun)

Comments are closed.